Prentkunst : Grafische technieken
Prenten worden meestal in meerdere exemplaren afgedrukt Daardoor zijn ze geschikt voor verspreiding op grote schaal.
Ook van reprodukties van schilderijen en tekeningen die oorspronkelijk niet voor dit doel gemaakt zijn maakt men afdrukken
Vanaf 16e : grafische kunstenaars die zich toeleggen op het in prent brengen van schilderijen
In W-Europa bestaat prentkunst sinds eind 14e eeuw
Vroegste vorm = houtsnede
mbv verschillende blokken in meerdere drukgangen kunnen kleurenhoutsneden gemaakt worden
pas later ook linoleumsnede met zelfde principe = hoogdruk of reliëfdruk
Weergeven van kruisarceringen in houtsnede is technisch moeilijk omdat niet de lijnen zelf moeten worden weggesneden maar het wit ertussen (lijnen worden afgedrukt)
diepdruk: lijnen krassen in metaal, opvullen met inkt en vlakke delen afvegen à lijnen worden afgedrukt
-gravures (begin 15e) met burijn of graveerbeitel in de plaat gestoken
Typisch voor gravure is zwellen en weer dunner worden v lijnen door meer of minder kracht te zetten met de burijn direct in het metaal gesneden.
-etsen (begin 16e)met een laagje was op koperplaat. Voorstelling met etsnaald tekenen.
Plaat in zuurbad, waardoor onbedekte (getekende) delen worden geëtst
Als waslaag verwijderd à inkten en afdrukken zoals gravures.
Etsen geven een vrijer, tekenachtiger resultaat dan gravures omdat er niet rechtstreeks in het koper wordt gewerkt maar in de zachte waslaag, de vrijheid om te tekenen is daardoor groter.
Gebruik van de droge naald (wél direct in het koper) geeft bramen aan de lijnen, als die niet worden weggeschuurd à meer inktopname aan de bramen en een fluweelachtig resultaat (vb voor kledij) zie O.147
Aquatint : variant op etstechniek (zuurafstotende stof vb hars op de koperplaat geblazen, daarover waslaag, die vlak per vlak wordt verwijderd tijdens het etsproces in het zuurbad)
De lichtste vlakken zijn het langst bedekt gebleven. Donkerste delen waren langst in contact met het zuur
vlakdruk : vanaf eind 18e bekend van steendruk of lithografie
techniek berust op afstoting van water en vet. Tekening in vet, steen nat maken, vette drukinkt pakt alleen op de tekening à afdrukken
doordruk of zeefdruk : vanf 1900
berust op het sjabloon-principe
op raamwerk van gaas worden vormen gelegd, gedeelten die gekleurd moeten worden blijven vrij. verschillende afzonderlijke drukgangen leveren meerdere kleuren op (cf hout- en linoleumsnede )
anoniem
Stevige contourlijnen wijzen op houtsnede
Tenminste 3 drukgangen (1 per kleur) Verschillende kleuren zijn met verschillende, slecht aansluitende blokken in aparte drukgangen aangebracht
Urs Graf
Hier in witte lijnen, de lijnen zijn in het houtblok gesneden en worden dus niet afgedrukt (omgekeerd procédé itt vorige) Wit is de kleur vh papier dat niet bedrukt is
deze techniek is minder arbeidsintensief maar technisch moeilijker (dunne lijnen mogen niet vollopen)
Dürer
Overwinning op de beperkingen vd houtsnede
Virtuoze toepassing v kruisarcering en van dunne lijnen
Mellan
Hoogtepunt van techniek van gravure
Voorstelling bestaat uit 1 enkele spiraalvormige lijn die zwelt en dan weer dunner wordt
H. Wierix
Parallelle arceringen zouden kunne wijzen op houtsnede maar het is een kopergravure (= te zien aan lijnene die uitlopen op punten)
Scoutman
146 Dronken Silenius (1642) Ets op papier
Reproductiegrafiek= bedoeling om schilderij v Rubens aan groter publiek te tonen
de voorstelling is gereduceerd: minder figuren en de uitsnede vd compositie is krapper
Spiegelbeeldige voorstelling, dit was de meest eenvoudige werkwijze voor de kunstenaar = directe kopie
Om dit effect te voorkomen moest de voorstelling in spiegelbeeld gegraveerd worden
Rembrandt
147 Zelfportret (1648) Ets en droge naald
weinig goede afdrukken met deze techniek
de braam die zich vormt aan de rand van de lijn slijt vlug af bij het drukken à typisch effect gaat verloren
Piranesi
Minutieuze grillige lijntjes. De voorstelling wordt steeds vager naar de achtergrond toe à ets
Goya
De voorstelling is niet zozeer in lijnen maar uit vlakken samengesteld (typisch aquatint)
Hokusai
Gezien de kleur kan het geen gravure, ets of aquatint zijn Zeefdruk heeft egaler kleurvlakken, dus moet het houtsnede zijn cf 142 Linoleum pas in 20e
Toulouse-Lautrec
De gemakkelijk reproduceerbare prentkunst werd steeds meer gebruikt voor reclame doeleinden
Adres vd drukker wijst op grote (machinale produktie)
Kandinsky
vgl met 151 : beide in hoogdruktechniek
Picasso
vgl met 141(houtsnede) : beide in hoogdruk
Geen reproduktie in traditionele zin
Op zichzelf staand kunstwerk dat slechts uitgaat v werk v beroemd schilder.
Delauny
Brochure : prentkunst
Prenten komen tot stand door toepassing van grafische technieken. Dit zijn verschillende mogelijkheden om een drukvorm te bewerken en die, met de hand of door middel van een pers, af te drukken op een drager - meestal papier. In deze tentoonstelling staat de prentkunst in haar verschillende verschijningsvormen centraal. De geëxposeerde werken dienen niet zozeer om stilistische of iconografische aspecten te illustreren, maar in de eerste plaats om enkele van de meest voorkomende technieken toe te lichten.
Door het drukproces wordt de prentkunst doorgaans gekenmerkt door reproduceerbaarheid: prenten worden vaak in meerdere exemplaren gedrukt. Door het vaak grote aantal afdrukken die van één prent kunnen worden gemaakt en hun relatief lage prijs zijn prenten bij uitstek geschikt voor verspreiding van afbeeldingen op grote schaal. Het gaat daarbij niet alleen om voorstellingen die speciaal voor de prent zijn gemaakt, maar ook om reproducties van schilderijen en tekeningen. Vooral vanaf de 16de eeuw hebben bepaalde grafisch kunstenaars zich toegelegd op het in prent brengen van schilderijen.
De prentkunst bestaat in West-Europa sinds het einde van de 14de eeuw. De vroegste vorm ervan is de houtsnede: een techniek waarin uit een houten blok de gedeelten worden weggesneden die geen deel zullen uitmaken van de gedrukte voorstelling. Met behulp van verschillende blokken kunnen, in meerdere drukgangen, kleurenhoutsnedes worden gemaakt. De, pas in veel later tijd, ook veel toegepaste techniek van de linoleumsnede gaat uit van hetzelfde principe. Omdat de hoogste gedeelten van de drukvorm op het papier worden afgedrukt, zijn houtsnede en linoleumsnede voorbeelden van de 'hoogdruk-', ofwel reliëfdruk-techniek.
Naast hoogdruk is in de prentkunst een veelvoorkomende techniek de 'diepdruk'. Deze gaat uit van het principe dat lijnen die ín de drukvorm - meestal een plaat van koper of van een andere metaalsoort - worden aangebracht, de gedrukte voorstelling gaan vormen. Om dit te bereiken wordt de plaat na het maken van de voorstelling met inkt ingesmeerd, en wel zo dat de groeven er volledig mee worden gevuld. Daarna wordt de inkt weer van de vlakke gedeelten van plaat afgeveegd, zodat de kleurstof alleen in de 'diepe' gedeelten overblijft. Door vervolgens een geprepareerd blad papier krachtig op de plaat te drukken, wordt de voorstelling overgebracht.
De drukvormen voor de diepdruk-techniek kunnen op verschillende manieren zijn bewerkt. In gravures, die vanaf het begin van de 15de eeuw voorkomen, wordt de voorstelling met een burijn - de graveerbeitel - direct in de plaat gestoken. Een andere, minder moeizame, manier om een voorstelling aan te brengen in de drukvorm is de 'etstechniek', die vanaf het begin van de 16de eeuw opgeld deed. Op een koperplaat wordt een laagje was aangebracht, waarin de voorstelling met een etsnaald wordt getekend. Vervolgens wordt de plaat in een zuurbad gelegd waardoor de getekende en dus onbedekte gedeelten in het koper worden uitgebeten (geëtst). Als daarna de waslaag wordt verwijderd kan de drukvorm op dezelfde wijze als een gravure worden geïnkt en afgedrukt.
Modernere varianten zijn 'de vlakdruk'- en de 'doordruk'-techniek. De vlakdruk wordt vanaf het einde van de 18de eeuw toegepast en is vooral bekend van de steendruk, ofwel lithografie. Kort gezegd berust deze techniek op de wederzijdse afstoting van water en vet. Op een speciaal geprepareerde steen wordt met vet materiaal een voorstelling aangebracht. Als de steen dan wordt natgemaakt en vervolgens met vette drukint wordt behandeld, zal alleen de voorstelling inkt opnemen, waarna zij kan worden afgedrukt. De 'doordruk'-, of zeefdruktechniek is omstreeks 1900 ontwikkeld en berust op het sjabloon-principe. Op een raamwerk dat strak bespannen is met gaasachtig materiaal worden vormen gelegd, zodanig dat de gedeelten die gekleurd moeten worden afgedrukt vrijgelaten zijn. Net als bij hout- en linoleumsneden, leveren verschillende afzonderlijke drukgangen meerdere kleuren op.
Dit is geen officiële site van de Open Universiteit Nederland
correcties, opmerkingen of aanvullingen zijn altijd welkom
Kristin van Genderen (2000)