(leereenheid 30)
Wie was Diponegoro?
De combinatie van politiek leiderschap en het schrijverschap kwam in Indonesië niet voor. Bovendien ontbrak het vaak aan een besef van individualiteit. Daarom zijn er ook vrijwel geen autobiografieën te vinden. De autobiografie van Diponegoro is in zijn soort vrijwel uniek.
Diponegoro werd in 1787 geboren als de kleinzoon van de 2de vorst van Yogyakarta, Hamengkubuwana II, en overleed in 1855 in Makassar. Als oudste zoon volgde hij niet zijn vader op maar werd zijn jongere broer vorst. Toen deze in 1822 overleed werd Diponegoro weer gepasseerd en werd de 3-jarige zoon van zijn broer opvolger. Er werd wel een regentschapsraad ingesteld waarvan Diponegoro lid was.
Hij kwam al vroeg in aanraking met santri (vrome islamieten) en begon zich toe te leggen op de studie van de islam. Buiten het hof nam hij de Arabische naam Sech Abdul Rachim aan. Als lid van de regentschapsraad kwam hij steeds meer in aanraking met de hofintriges en corruptie. Omdat er door het Nederlands gezag steeds meer een aanslag werd gedaan op de macht en de positie van het Javaanse hof bundelde Diponegoro de diverse ontevreden groeperingen. De autobiografische kroniek is door hem geschreven in Noord-Celebes in de eerste jaren na zijn gevangenneming en verbanning. De tekst is waarschijnlijk niet van zijn eigen hand. Het is geen echte autobiografie en geen egodocument. De figuur van Diponegoro wordt tot bovenmenselijke proporties verheven en de tekst heeft een morele en didactische functie.
Het stuk is in de hij-vorm geschreven. De ik-vorm zou niet alleen voor het gevoel van de Javaanse lezer te direct zijn geweest, maar het zou ook de kenniswaarde of de didactische bedoeling van het geschrift hebben verzwakt.
De oorzaken van de Java-oorlog
Na een periode van betrekkelijke rust keert in 1800 het tij:
De Europese inmenging in Java wordt groter:
In 1808 voert Daendels in dat de Europese resident niet langer ondergeschikt is aan de Javaanse vorst.
In 1811 worden de geldelijke vergoedingen voor de noordkust ingetrokken.
In 1812 bestormt de Engelse gouverneur, T.S. Raffles, na een conflict met de Yogyase sultan, het paleis. Vervolgens moet de vruchtbare provincie Kedu worden afgestaan.
Na het herstel van het Nederlandse gezag in 1816 zette de agressieve politiek zich voort.
De machtsstrijd aan het Javaanse hof.
De welvaart van de plattelandsbevolking liep sterk terug. Het Javaanse hof verhoogde de belastingen en verleende in toenemende mate aan Chinezen het tolrecht op wegen en rivieren. Aan de andere kant was sprake van misoogsten en cholera-epidemieën.
Hovelingen gingen land verhuren aan Europeanen waarbij zij vaak aanzienlijke inkomsten genoten. In 1823 werd deze landhuur verboden en moesten de hovelingen flinke sommen geld terugbetalen aan de Europeanen.
Wat beoogde Diponegoro met zijn autobiografie?
Het doel van het geschrift is Diponegoros motieven voor de Javaanse lezer aannemelijk en aanvaardbaar te maken. Een 2de element is onderwijzing; wat te doen en te laten om de Europeanen te weerstaan.
De rol van de Europeanen
Diponegoro schreef dat Daendels wel veel wilde veranderen in de Javaans-Nederlandse verhouding, maar hij was betrekkelijk machteloos tegenover een goed georganiseerd Yogyas rijk. Met de Engelsman Raffles ontstond een incident omtrent de etiquette; De sultan hoort op de hoogste plaats te zitten en niet gelijk met de Engelsman. Uiteindelijk won de sultan. Raffles wordt omschreven als een ruw en onbehouwen figuur.
De teksten zijn zo geschreven dat gebeurtenissen altijd in het voordeel van de sultan en het Javaanse hof zijn uit te leggen.
Moreel verval en atmosfeer van ondergang
Het morele verval dat de Nederlandse ambtenaren veroorzaakten werd gara-gara genoemd (het verstoren van het kosmisch evenwicht). Diponegoro schreef over de eerste jaren na 1816: De Engelsen werden vervangen door de Hollanders. De resident heette Nahuys. Hij hield er veel van om te eten en te drinken en de Javanen de Nederlandse gewoonten aan te leren. Zelfs jeugdige bloedverwanten van de vorst deden allen met hem mee en stoorden zich niet aan datgene wat onfatsoenlijk was of door de godsdienst verboden.
Diponegoro was de enige die met zijn bovennatuurlijke krachten het evenwicht (gara-gara) uiteindelijk weer kon herstellen.
De rol van bovennatuurlijke krachten
Tijdens verscheidene meditaties had Diponegoro directe ontmoetingen met bovenaardse personages, die hem voorspelden over zijn voorbeschikte rol. Op de berg Rasamuni ontmoette hij de hemelse rechtvaardige vorst (Ratu Adil). Hij kreeg op dezelfde wijze zijn islamitische koningstitels. Ook kreeg hij hiervan mee dat er geen andere mogelijkheid was dan om gewapenderhand Java te veroveren.
Interne strubbelingen aan het hof en verdrukking van de kleine man
Aan zijn eerste passering als troonsopvolger gaf Diponegoro de volgende wending: Raffles wilde hem aanstellen als kroonprins, maar hij weigerde dit omdat hem in een meditatie was verteld de titel niet op last van de Europeanen te aanvaarden maar om zelf als handelend persoon in deze op te treden. Zijn benoeming tot voogd was echter een diepe belediging.
Toen na 1816 de belastingen werden verhoogd ging Diponegoro persoonlijk bij de sultan verhaal halen. Dit heeft hem tijdens de oorlog een grote aanhang bezorgd.
Opnieuw: de oorzaken van de Java-oorlog
Naast de in paragraaf 2 genoemde oorzaken kunnen nu nog worden genoemd:
het morele verval en de verstoring van het kosmische evenwicht (gara-gara)
de leidende rol van Diponegoro die hem door bovennatuurlijke krachten was opgedragen
Welke oorzaken het meest van belang waren en in hoeverre Diponegoro oprecht bewogen was over de wantoestanden zal altijd onduidelijk blijven.
De aanleiding tot de Java-oorlog
De feitelijke aanleiding tot de Java-oorlog was het feit dat de Javaanse rijksbestierder (hoofd van de regentschapsraad) een weg over Diponegoros landgoed liet aanleggen zonder dat deze erin gekend was. De kroniek verteld dat na een gerucht dat de Nederlanders hem gevangen wilde nemen, vele aanhangers naar het landgoed kwamen om hun leider te beschermen tegen de dreigende agressie van de Nederlanders. Het was volgens de kroniek dus niet Diponegoro die het geweld ontketende.
De gevangenneming van Diponegoro
Rond 1830 toen Diponegoro in het nauw gedrongen was bestond aan Nederlandse zijde verschil van mening of men de vorstendommen moest annexeren. Ondanks toestemming van koning Willem I besluit Van den Bosch om de vorstendommen te handhaven omdat de bevolking teveel gehecht was aan deze symbolen van traditioneel gezag. Inlijving kon wel eens een nieuwe opstand veroorzaken. Diponegoro moest echter gevangen worden genomen en worden verbannen.
Op 28 maart 1830 vond een ontmoeting plaats tussen de Nederlandse opperbevelhebber Hendrik Merkus de Kock en de Javaanse opstandelingenleider. Ondanks een beloofde vrijgeleide werd Diponegoro toch gearresteerd. Omdat Diponegoro zichzelf een goddelijke opdracht had toegerekend, kon hij op grond van Javaanse normen zich onmogelijk zonder meer over geven. Wellicht dat De Kock dit heeft aangevoeld en Diponegoro als het ware uit een impasse heeft gehaald door voor hem de knoop door te hakken. Hierdoor hoefde Diponegoro de mythe rond zijn persoon niet op te geven.
Dit is geen officiële site van de Open Universiteit Nederland
correcties, opmerkingen of aanvullingen zijn altijd welkom
P.C.J. Ruigrok (2000)