OPERA: Twaalf opera's als spiegels van hun tijd

Carl Maria von Weber - Der Freischütz (1821)

Nationalisme in de muziek. In 1821 was er nog geen Duitse natie, 35 vorstendommen en 4 vrije steden. Bij de ontwikkelde burgerij was in de 18e eeuw olv Herder een gemeenschappelijke "Duitse nationale cultuur" ontstaan.

Karlsbader Entschlüsse (1819) -> beperking vrijheid van meningsuiting.
Ontstaan "kleinburgerlijkheid"-> biedermeier. Depolitisering nationale gevoel.
Verhevigd zoeken naar culturele en historische identiteit -> volkstraditie: sprookjes, sagen.

Bekend motief: strijd tussen hemel en hel om ziel van de mens, ook bij Tieck en Hoffmann - schokeffecten te weeg brengen

Arnim en Brentano -> Des Knaben Wunderhorn, bundel oude Duitse volksliederen

Bestaande Duitse operaensembles waren doorgaans slecht opgeleid. Enige muzikale traditie was het Singspiel -> rustieke onschuld en quasi-naiviteit

Beethoven: Fidelio, Spohr: Faust, Hoffmann: Undine -> alle 3 invloed of Weber. Daarnaast ook de Franse opera comique.

Carl Maria von Weber
Groeide op in rondreizend toneelgezelschap
1e Singspiel: Silvana, laatste Singspiel: Abu Hassan -> precieze schildering couleur locale
Dirigent in Praag 1813-1817 en daarna Dresden

Weber streefde naar een totaalkunstwerk als synthese van muziek, regie en aankleding.

Vernieuwingen:

  1. Weber hanteerde dirigeerstok en zat niet achter het klavier, wat gebruikelijk was
  2. Weber hield zich bezig met illusietoneel
  3. Weber hechtte waarde aan uitgebreide repetities
  4. Weber probeerde via kranteartikelen het volk op te voeden, zodat het opera ook artistiek kon gaan waarderen

Instrumentatie is voor Weber het voornaamste middel om de couleur locale en de belangrijkste stemmingen aan te geven, stijlvermenging komt de waarachtigheid ten goede.

ETA Hoffmann hechtte grote waarde aan het literaire libretto, Weber meer aan de muzikale vormgeving daarvan. Het accent verschoof van een eenheid gebaseerd op muziek naar een eenheid gebaseerd op toneel, waardoor de componist de opera een nieuwe eenheid moest geven.

Weber deelde de romantieke belangstelling voor de invloed van bovennatuurlijke krachten op het lot van de mensheid.

Spohr verweet Weber dat hij voor de massa zou schrijven, Weber probeerde te overdrijven met expressie om de boodschap beter over te brengen. De romantici vonden dit bekrompen, berekenend en onromantisch.

Libretto
Eisen van Weber:

  1. verhaal moest afkomstig zijn uit volksoverlevering
  2. geen statische representatiekunst, maar spannend verhaal
  3. optimaal gebruik van moderne toneelapparatuur moest mogelijk zijn
  4. verhaal moest met passende instrumentatie uitgewerkt kunnen worden

Libretto van Friedrich Kind -> hij moest rekening houden met strenge Pruissische censuur van die tijd

Strekking Freischütz: ME mysteriespel -> strijd tussen hemelse (heremiet) en duivelse (Samiël) krachten die om de ziel van jager Max vechten. Verhaal geplaatst tijdens 30-jarige oorlog in afgelegen streek van het Duitse taalgebied, waar nog een feodale sfeer heerste. Dit was tot tevredenheid van het Pruissische hof dat de Kerk als een staatsaangelegenheid zag. Bovendien leverde de vermeende harmonie van Kerk en Staat voor het Pruisische staat een artificieel verleden op, onontbeerlijk voor het zelfbeeld.

Fantastische elementen -> omdat mensen niet meer geloven in bovennatuurlijke krachten (Todorov). Ook Freischütz heeft fantastische elementen -> Wolfskloofscène.

In libretto Freischütz 2 hoofdstromingen literaire Romantiek:

  1. fantastische literatuur -> verstrengeling natuurverschijnselen en bovennatuurlijke krachten
  2. christelijk-restauratieve Romantiek -> idealisering Duitse ME
  3. daarnaast merkten toenmalige critici vele dramatische effecten uit de griezelromans op
  4. motieven uit noodlotstragedie -> angstige voorgevoelens Agathe, heremiet -> redder van verdrukte onschuld

Alleen over openingscène geen overeenstemming: zou beginnen met scène tussen heremiet en Agathe, maar volgens Webers vrouw moest een volksopera beginnen met het volksleven.

Ook Goethes Egmont en Schillers Wilhelm Tell begonnen met volksscènes.


Compositie
Veel losse muzikale delen in Fr. -> doordat Weber zowel traditionele driedeling van Singspiel aanhoudt als ook de afwisseling van deze nummers.

Jagerskoor is bewerking van Engelse Marlboroughlied. Refrein en melodie van het koor van de Jungfernkranz stamt uit de volksdans der Windmuller. Het koor Viktoria, Viktoria werd toententijde nog gezongen op jaarmarkten. De Fr was niet de eerste opera die door het overnemen van volksliederen iets typisch Duits wilde weergeven, maar kennelijk werd de toon nog nooit eerder zo goed getroffen.

Weber zag als karakteristieke hoofdtoon: het jagersleven en het heersen van duivelse krachten.

Toneelaanwijzingen:

  1. verschillende instrumentaties voor goede en kwade krachten
  2. tegengestelde toonaarden: c-klein is toon voor demonen, D-groot ruwe levensvreugde boeren en jagers, C-groot hemelse krachten
  3. spel met donker en licht
  4. verloop van gebeurtenissen wordt aangekondigd in ouverture, leidmotieven
  5. herinneringsmotieven in Wolfskloofscène

Effectbejag van Weber leidde vaak tot overdrijving, waarmee ETA Hoffmann de spot dreef.

Meeste personages worden door lot bepaalde types, een eigen psyche is er niet. Dit paste weer wel in het ideaalbeeld van de ME.


Uitvoeringsgeschiedenis
Biedermeierachtige nummers uit Fr kwamen terecht in liedbundels als schlagers. Vele soorten bewerking volgden ook, met als gevolg dat Fr onterecht als simpele volksopera gezien werd.

Hector Berlioz schreef de opera om naar het Frans, maar kon niet voorkomen dat het ook aan de Franse smaak aangepast werd, dus de opera werd onherkenbaar -> o.a. toevoegingen balletten. Richard Wagner weet het mislukken aan het onvermogen van buitenlanders om het Duitse wezen te begrijpen.

Uitvoeringen na WOII:

  1. parodieen worden voortgezet, met het verschil dat nu de verschillen met de hedendaagse maatschappij worden belicht
  2. geprobeerd wordt het libretto een psychoanalytische betekenis te geven
  3. maatschappijkritische wending, door regie te concentreren op de tijd net na 30-jarige oorlog

Buiten deze 3 staat Vicco von Bülow - 1988, moderne uitvoering, zonder Wolfskloof en bijgelovige symbolen, maar personages die heen en weer geslingerd worden tussen goed en kwaad.


Invloed van de Freischütz

  1. Enorme stimulans Duitse operaproductie - Marschner (puur najagen van sensatie en effetct; Lortzing populaire melodieen.
  2. Ontstaan nieuwe nationale scholen in Noord-Europa en Oost-Europa. Bekendste vertegenwoordigers: Smetana, Glinka en Sibelius.
  3. Invloed op Richard Wagner, nam leidmotieven en herinneringsmotieven van Weber over en ontwikkelde ze verder. (Fliegende Hollander, Tannhauser, Lohengrin)

| Menu | Kunst | Opera | Vorige | Volgende |

Dit is geen officiële site van de Open Universiteit Nederland

correcties, opmerkingen of aanvullingen zijn altijd welkom

Evelyn Ligtenberg (1999)